Gisteren was ik jarig. Maar WACHT: het gaat hier om muffins. Dus voor je begint te juichen, hear me out.
Ik gaf zaterdag een feestje naar aanleiding van het heuglijke feit dat ik “22″ werd. En dat was aanleiding voor het heuglijke feit dat ik muffins kon bakken zonder op de brandstapel te belanden voor poging tot vetmesten. Dus ruim van tevoren, echt een week ofzo, wat echt RUIM van tevoren is in mijn wereld, bedacht ik welke muffins het zouden worden. Omdat ik voor Oz’ verjaardag een pink brownie cake met roze frosting en een bruine ster had gemaakt (waarvan ik overigens geen foto heb!), en daardoor helemaal into frosting was, wilde ik deze keer absoluut iets met paarse frosting maken. Dus de muffins moesten daarbij passen. Deze omgekeerde volgorde bleek later een nagel aan mijn doodskist. Want ik ging voor lavendelmuffins.

Kijk ze mooi zijn.
Nou heb ik hele leuke vrienden, echt, en mijn broers zijn helemaal geweldig, maar als het op voedsel aankomt moet ik vooral niet te experimenteel zijn. Mijn gedachten gaan zo: “Lavendel, dat lijkt me lekker”, maar andere mensen denken: “Wat zijn dat voor bloemetjes op dat paarse spul? Kun je dat eten?”. Dus iedereen begon heel voorzichtig aan de muffins, waarna de helft besloot het cakeje om te draaien om niet mijn prachtig opgespoten paarse frosting te hoeven eten, maar wel het cakeje te eten. Wat ze volgens mij ook alleen maar deden om mij niet te kwetsen, zo lief. Wat de andere helft gedaan heeft…oh wacht, de andere helft ligt daar in dat roze bakje.
Ikzelf had er nog geen gegeten, in verband met een gat in mijn mond, maar toen de volgende dag mijn ouders op bezoek kwamen, besloot ik er ook één te eten. Voor de volgende batch van twaalf muffins had ik besloten geen frosting te maken, dus er kwam slechts pure muffin tot mij. En ja, die was smakeloos. Het was verschrikkelijk. De hint van lavendel die erin zat, vond ik wel wat hebben, maar voor de rest was het droog en saai. Zo zonde van de frosting. Want die was paars en zoet en lekker en ja, goed, ik had er lavendel overheen gestrooid en ik zal het nooit meer doen.
Mijn vader vond ze overigens wel goed te doen en at er drie, waarna ik hem de rest mee naar huis gaf. Die man eet alles. Hoewel ik hem de overige zes muffins met frosting niet mee gegeven heb. Die liggen nu ergens anders.
