Toen we genoeg hadden van de wijn rond Blenheim, gingen we door naar Nelson, terwijl het weer ondertussen slecht geworden was. Daardoor stelden we onze plannen voor het Abel Tasman National Park, waar het absoluut zonnig moet zijn, even uit en reden naar Nelson Lakes, toepasselijk genaamd naar de stad waar het slechts anderhalf uur rijden vandaan ligt…
De grijze lucht bracht het prachtige, stille meer in een mysterieuze sfeer. (Sinterklaaskriebels!)
Onderweg naar Abel Tasman maakten we een tussenstop in Kaiteriteri, waar Joop het, na een middag op het strand, tijd vond om zijn baard te scheren.
Wie IS die gozer?
Zondag werden we met een speedboat over de wilde golven naar een baai in het Abel Tasman park gebracht, vanwaar een stuk terug gingen kayakken. Vanwege de harde wind, mochten we niet naar het zeehonden-eiland kayakken, wat een dikke bummer was. Het kayakken op zee was wel erg leuk. Langs de kust zagen we twee keer een zeehond liggen, maar als je gezegd had dat het gewoon een zwart gat en een schaduw waren geweest, had ik je ook gelooft. Wat mij betreft staat onze zeedierenteller nog steeds op nul.
Die middag wandelden we door het park naar de boot waar we die avond zouden eten en slapen. Dat was een erg leuke ervaring.
De volgende dag liepen we door het park terug naar de campervan, ondertussen genietend van de geweldige- uitzichten en een immense kikker op het strand.
Nu zijn we in Marahau, aan de rand van het park, waar we een dagje van het prach-ti-ge weer genieten, voordat we doorgaan naar het meest westgelegen puntje van Golden Bay, Farewell Spit, of in ieder geval tot zover onze campervan ons kan brengen.

Category: